woensdag 19 februari 2025

Wim Daniëls (2021): Op vakantie! Een geschiedenis van onze vrije tijd.

 


Wederom een boek van Wim Daniëls, een leeftijdgenoot die boeken schrijft over onderwerpen en geschiedenissen die mij interesseren. Vooral over de 20e eeuw en de veranderingen uit die tijd, die we zelf nog hebben meegemaakt. Dit boek heeft als onderwerp 'op vakantie gaan'. De inhoud van het boek put hij voornamelijk uit het krantenarchief dat op de website Delpher voor iedereen toegankelijk is gemaakt.

Het boek bestaat uit een dertigtal korte verhalen over een aspect van 'op vakantie gaan'. Zo zijn er drie verhalen over kamperen (Kamperen, Kampeerterreinen, Kampeerclubs). De wijzen waarop mensen op vakantie gaan krijgen de aandacht: De fietsvakantie; Op vakantie met de trein; Met de auto op vakantie; Op pad met de caravan, camper of vouwwagen; Met de touringcar op vakantie; De vliegvakantie; De cruisevakantie; Op vakantie met de motor; Met de brommer of scooter op vakantie; De zeilvakantie; De liftvakantie.

Een vlot geschreven en goed geschreven boek.   

donderdag 13 februari 2025

Peter de Waard en Petra van den Brink (2013): De meisjes van Schroevers.

 


Wie kent ze niet? De meisjes die nu hun Mulo of MMS een opleiding hebben gevolgd bij Schroevers tot secretaresse. In 1913 heeft de zakenman Adriaan Schoevers deze particuliere secretaresseopleiding opgericht. Het opleidingsinstituut kende hoogtijdagen en perioden dat het minder ging. Het opleidingsinstituut Schroevers bestaat nog steeds. De secretaresse is van naam veranderd: zij of hij heet nu 'supportprofessional'. En op de website van Schroevers is men trots op hun 110 jarig bestaan.

Het boek is verdeeld in hoofdstukken die ieder een bepaalde periode typeren. Dit zijn:
Hoofdstuk 1    Kindermeisjes
Hoofdstuk 2    Stenomeisjes
Hoofdstuk 3    Charlestonmeisjes
Hoofdstuk 4    Crisismeisjes
Hoofdstuk 5    Oorlogsmeisjes
Hoofdstuk 6    Wederopbouwmeisjes
Hoofdstuk 7    Kakmeisjes
Hoofdstuk 8    Conservatieve meisjes
Hoofdstuk 9    Ambitieuze meisjes
Hoofdstuk 10  Mondige meisjes
Hoofdstuk 11  Topmeisjes
Hoofdstuk 12  Bedreigde meisjes

De hoofdstukken beschrijven de geschiedenis van de invoering van het steno, de introductie van de typemachine, het leren typen met tien vingers en het blindtypen (op het ritme van de Radetzkymars) en de vreemde talen in de opleiding. Adriaan Schroevers was een zakenman met een vooruitziende blik. Hij reisde naar Amerika om daar de meest moderne typemachines te leren kennen, en introduceerde die ook in zijn bedrijf. Eveneens introduceerde hij het steno.
In de jaren zestig van de 20e eeuw treedt een soort verval op: de leiding van het bedrijf gaat niet meer met hun tijd mee. De opleiding krijgt een wat oubollig imago in de tijd van emancipatie en protestbewegingen. Pas later 'ontdekt' het instituut de opkomst van de PC en tekstverwerker. En de secretaresse wordt binnen de organisaties waar zij werkt een 'secretaris', die veelal een spilfunctie vervult.

dinsdag 11 februari 2025

Koos van Zomeren (2021): Aan de dijk. Herwijns dag- en fotoboek.

 


Dit boek is inderdaad een dagboek en een fotoboek. Het dagboek is van de schrijver Koos van Zomeren, die een hele lijst van boekuitgaven op zijn naam heeft staan, variërend van dichtbundels, romans, thrillers, essays, columns. In de vorm van een dagboek beschrijft hij zijn herinneringen aan het leven in het dorp Herwijnen aan de Waal in de Betuwe waar zijn grootouders leefden. 

Op de achterflap staat de volgende typering: "Een mens leeft in de tijdspanne tussen zijn grootouders en zijn kleinkinderen; het hart zou misschien wel langer willen, maar de geest kan niet meer bevatten". De schrijver gaat terug naar Herwijnen naar het buurtschap aan het einde van het dorp, 't Rot, aan de dijk. "Waar iedereen familie was van iedereen. Waar diepe armoede had geheerst en de enig luxe bestond uit de verhalen die er werden verteld. Het is net als met orchideeën - de mooiste verhalen komen van de armste grond".

Het tweede gedeelte van het boek bestaat uit foto's. Heel mooie oude zwart-wit foto's gedocumenteerd met een plattegrond van de noordkant van de Waal en een schematische overzicht met nummers en namen van de bewoners. Een prachtig document.



Peter van Vlerken (2023): Zwarte kersen.

 


De schrijver heeft gekozen voor de romanvorm. Dat wil zeggen dat sommige gebeurtenissen autobiografisch zijn en hij dus put uit zijn eigen herinneringen. Voorts dat hij de verhalen een eigen invulling heeft gegeven. De verhalen worden verteld door Maria, de tante van de schrijver, die haar leven deelt met haar Piet. Begin jaren vijftig trouwen ze en gaan ze inwonen bij de ouders van Piet. Een fijne toekomst tegemoet. Maar de tragiek van het verhaal is dat Maria geen kinderen kan krijgen en dus geen zoon die de boerderij van Piet kan voortzetten.

"Zwarte kersen is een nieuwe, grondig gewijzigde uitgave van de in 2020 in eigen beheer van de auteur verschenen roman De zwarte kersen van Maria", staat in de Verantwoording achterin het boek. En voorts: "Het kan zo zijn dat lezers personages, situaties en gebeurtenissen herkennen in deze roman. Het kan ook zo zijn dat zij zich vergissen". Maar er staat voor iemand die in de jaren vijftig van de vorige eeuw in een (voornamelijk agrarisch) dorp is opgegroeid veel herkenbaars in. 

- De boeren ploegden het land met hun 'Belse Knollen'.  
- Wassen deden de mensen toen in de slaapkamer met water uit de lampetkan die in een waskom werd gegoten. Of eenmaal in de week een grote wasbeurt in de keuken in een zinken teil voor de kachel in de winter. Een douche of badkamer bestond in de boerderijen van toen nog niet.
- 's-Middags werd er warm gegeten: soep, aardappelen, vlees en groenten. De hond at met de pot mee wat erover was: aardappelen met jus en vleesresten als die er waren.
- De jaarlijkse kersenpluk van 'De Mierlose Zwarte': een eigen kersensoort. Mierlo stond bekend als het kersendorp. Jaarlijks was er een kersenoogstfeest met een optocht door het dorp. En een wielerronde de kersenronde genoemd.
- De pastoor kwam op bezoek om te informeren naar de gezinsuitbreiding die er niet was. Of om één van de ouders van Piet de laatste sacramenten toe te dienen.
- De wekelijkse gang naar de R.K. kerk in het dorp.
- Jaarlijks op rattenjacht met de hond en de mannen gewapend met een riek of gaffel.
- Kippen werden geslacht als ze geen eieren meer legden.
- Stropen op hazen en konijnen door het plaatsen van strikken van ijzerdraad. Waarna de buit werd geslacht, klaargemaakt en opgegeten: een lekkernij. Met kerstmis stond er traditioneel haas of konijn op het menu.
- Een vaste avond in de week kwamen de kaartvrienden op bezoek om te rikken.

Het boek wordt omschreven als een ode aan het boerenleven zoals dat was, en dan met name van de boerin. Voorts een beschrijving van de teloorgang van het oude boerenbedrijf en daarmee ook de leefgewoonten uit de vergane tijden. Verteld met een zekere weemoedigheid: de ruilverkaveling, de komst van de tractor, de mechanisatie, de schaalvergroting. Piet en Maria maken de vernieuwingen niet meer mee, zij blijven hangen in hun oude leefwijze en met hen verdwijnt ook hun boerenbedrijf. Het leven was ook harder, zowel voor de mensen als voor de dieren. 


vrijdag 7 februari 2025

Maria Grever en Annemiek van der Veen (1989, redactie): Bij ons moeder en ons Jet. Brabantse vrouwen in de 19e en 20e eeuw.

 


Dit boek bevat een verzameling van artikelen over Brabantse vrouwen in de 19e en 20e eeuw. "Zo wordt een indruk gegeven van het leven van Brabantse boerinnen, nonnen, kostschoolmeisjes, vroedvrouwen en journalistes" staat op de achterflap. De volgende artikelen zijn opgenomen:

- Niet in haar kraam te pas. Kindermoord in het departement Brabant, speciaal in het arrondissement 's-Hertogenbosch, 1811-1838. (auteur: Maria Grever).

- Geen lusten zonder lasten. Huwelijk, seksualiteit en geboorten op de Kempense zandgronden, 1850-1940. (auteur: Jannie van Lieshout en Betty Rikken).

- Een boek lezen was tijd verknoeien. Meisjesonderwijs en vrouwenarbeid in Helmond en de Peel, 1918-1940. (auteur: Annette Mevis).

- Bruiden van Christus, moeders van de armen. Geloofsleven en werkzaamheden van de zusters van de Choorstraat, 1820-1875. (auteur: José Eijt).

- Van jonge juffrouwen en kwekelingen. Katholieke meisjeskostschool in de eerste helft van de twintigste eeuw (auteur: Marieke Hilhorst).

- Roeien,  baren en in de arbeid zijn. Vroedvrouwen in Noord-Brabant, 1880-1960. (auteur: Marga Pruijt).

- Een huwelijk is het einde van je carrière. Drie Brabantse journalistes bij De Tijd en de Volkskrant, 1945-1965. (auteur: Janneke Riksen).

Niet alle artikelen gaan over de 20e eeuw, maar ook die zijn het lezen waard. Het boek geeft een goed beeld van de (ondergeschikte) rol van vrouwen in de 19e en 20e eeuw. 


maandag 3 februari 2025

Marijke Hilhorst (1999): De vader, de moeder & de tijd. Familiekroniek.


 

Marijke Hilhorst (1952) is opgegroeid in een gezin van acht kinderen, waarvan één kind op jonge leeftijd is overleden. Zij beschrijft het proces van dementie bij haar moeder, en later ook bij haar vader. En voorts allerlei gebeurtenissen, anekdotes, herinneringen, en observaties in het gezin waar zij opgroeide, waar de nadruk ligt op hoe haar vader en moeder handelden in het opvoeden van hun kroost. Merkwaardig is dat zij spreekt over haar ouders in derde persoon enkelvoud. Dus niet 'mijn vader' of 'onze moeder', maar de vader en de moeder. Dat schept afstand tussen de auteur en de personen waarover zij schrijft. Bovendien spreekt zij haar vader en moeder aan met 'u'. Ook dat schept sociale afstand. Terwijl haar ouders toch van eenvoudige komaf zijn: haar vader werkte als een soort manusje van alles in een ziekenhuis en moeder was een eenvoudige huisvrouw. Zoals dat in de meeste gezinnen was in de jaren vijftig, zestig en zeventig van de vorige eeuw. In het Brabantse arbeidersmilieu waar ikzelf ben opgegroeid, en voor zover ik weet in veel vergelijkbare gewone gezinnen, spraken we elkaar aan met 'ge' of  'gij'. Alleen kinderen van 'deftige ouders' spraken hun ouders aan met 'u'. 

Het boek bestaat een vele korte verhalen (ruim 80), die voor velen ook herkenbaar zullen zijn. Het grote gezin, het rooms-katholieke milieu, de zorgende moeder, de patriarchale vader. Kortom: zoals het leven was in de gezinnen van de 2e helft van de 20e eeuw.