Posts tonen met het label 2 - FAMILIEGESCHIEDENIS. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 2 - FAMILIEGESCHIEDENIS. Alle posts tonen

dinsdag 11 februari 2025

Peter van Vlerken (2023): Zwarte kersen.

 


De schrijver heeft gekozen voor de romanvorm. Dat wil zeggen dat sommige gebeurtenissen autobiografisch zijn en hij dus put uit zijn eigen herinneringen. Voorts dat hij de verhalen een eigen invulling heeft gegeven. De verhalen worden verteld door Maria, de tante van de schrijver, die haar leven deelt met haar Piet. Begin jaren vijftig trouwen ze en gaan ze inwonen bij de ouders van Piet. Een fijne toekomst tegemoet. Maar de tragiek van het verhaal is dat Maria geen kinderen kan krijgen en dus geen zoon die de boerderij van Piet kan voortzetten.

"Zwarte kersen is een nieuwe, grondig gewijzigde uitgave van de in 2020 in eigen beheer van de auteur verschenen roman De zwarte kersen van Maria", staat in de Verantwoording achterin het boek. En voorts: "Het kan zo zijn dat lezers personages, situaties en gebeurtenissen herkennen in deze roman. Het kan ook zo zijn dat zij zich vergissen". Maar er staat voor iemand die in de jaren vijftig van de vorige eeuw in een (voornamelijk agrarisch) dorp is opgegroeid veel herkenbaars in. 

- De boeren ploegden het land met hun 'Belse Knollen'.  
- Wassen deden de mensen toen in de slaapkamer met water uit de lampetkan die in een waskom werd gegoten. Of eenmaal in de week een grote wasbeurt in de keuken in een zinken teil voor de kachel in de winter. Een douche of badkamer bestond in de boerderijen van toen nog niet.
- 's-Middags werd er warm gegeten: soep, aardappelen, vlees en groenten. De hond at met de pot mee wat erover was: aardappelen met jus en vleesresten als die er waren.
- De jaarlijkse kersenpluk van 'De Mierlose Zwarte': een eigen kersensoort. Mierlo stond bekend als het kersendorp. Jaarlijks was er een kersenoogstfeest met een optocht door het dorp. En een wielerronde de kersenronde genoemd.
- De pastoor kwam op bezoek om te informeren naar de gezinsuitbreiding die er niet was. Of om één van de ouders van Piet de laatste sacramenten toe te dienen.
- De wekelijkse gang naar de R.K. kerk in het dorp.
- Jaarlijks op rattenjacht met de hond en de mannen gewapend met een riek of gaffel.
- Kippen werden geslacht als ze geen eieren meer legden.
- Stropen op hazen en konijnen door het plaatsen van strikken van ijzerdraad. Waarna de buit werd geslacht, klaargemaakt en opgegeten: een lekkernij. Met kerstmis stond er traditioneel haas of konijn op het menu.
- Een vaste avond in de week kwamen de kaartvrienden op bezoek om te rikken.

Het boek wordt omschreven als een ode aan het boerenleven zoals dat was, en dan met name van de boerin. Voorts een beschrijving van de teloorgang van het oude boerenbedrijf en daarmee ook de leefgewoonten uit de vergane tijden. Verteld met een zekere weemoedigheid: de ruilverkaveling, de komst van de tractor, de mechanisatie, de schaalvergroting. Piet en Maria maken de vernieuwingen niet meer mee, zij blijven hangen in hun oude leefwijze en met hen verdwijnt ook hun boerenbedrijf. Het leven was ook harder, zowel voor de mensen als voor de dieren. 


maandag 3 februari 2025

Marijke Hilhorst (1999): De vader, de moeder & de tijd. Familiekroniek.


 

Marijke Hilhorst (1952) is opgegroeid in een gezin van acht kinderen, waarvan één kind op jonge leeftijd is overleden. Zij beschrijft het proces van dementie bij haar moeder, en later ook bij haar vader. En voorts allerlei gebeurtenissen, anekdotes, herinneringen, en observaties in het gezin waar zij opgroeide, waar de nadruk ligt op hoe haar vader en moeder handelden in het opvoeden van hun kroost. Merkwaardig is dat zij spreekt over haar ouders in derde persoon enkelvoud. Dus niet 'mijn vader' of 'onze moeder', maar de vader en de moeder. Dat schept afstand tussen de auteur en de personen waarover zij schrijft. Bovendien spreekt zij haar vader en moeder aan met 'u'. Ook dat schept sociale afstand. Terwijl haar ouders toch van eenvoudige komaf zijn: haar vader werkte als een soort manusje van alles in een ziekenhuis en moeder was een eenvoudige huisvrouw. Zoals dat in de meeste gezinnen was in de jaren vijftig, zestig en zeventig van de vorige eeuw. In het Brabantse arbeidersmilieu waar ikzelf ben opgegroeid, en voor zover ik weet in veel vergelijkbare gewone gezinnen, spraken we elkaar aan met 'ge' of  'gij'. Alleen kinderen van 'deftige ouders' spraken hun ouders aan met 'u'. 

Het boek bestaat een vele korte verhalen (ruim 80), die voor velen ook herkenbaar zullen zijn. Het grote gezin, het rooms-katholieke milieu, de zorgende moeder, de patriarchale vader. Kortom: zoals het leven was in de gezinnen van de 2e helft van de 20e eeuw.




zaterdag 18 januari 2025

Sun Li (2016): De zoetzure smaak van dromen. Het familieverhaal achter en Chinees restaurant.

 


In 1980 komen de ouders van de schrijfster Sun Li naar Nederland. Zonder voldoende middelen van bestaan, met vijf kinderen. Maar zij weten van aanpakken; zij openen een Chinees restaurant in een klein dorp in Friesland. Het hele gezin wordt ingeschakeld om te helpen bij de werkzaamheden in en voor het restaurant. Als de ouders en de oudere kinderen beneden in de keuken of het restaurant werken, verblijven de twee kleinste kinderen in de bovenwoning. Totdat ook zij aan de beurt zijn om mee te helpen: in de keuken met het snijden van groenten en het vullen van zakjes met sambal; later in de bediening in het restaurant. Als ze opgroeien en naar de middelbare school gaan weten ze soms de wegen te ontdekken waarmee ze zich kunnen onttrekken aan het werk. 
De kinderen worden ook aangemoedigd om op school goed hun best te doen. Sun gaat na de middelbare school rechten studeren in Groningen. Zij kiest ervoor op kamer te gaan wonen zodat zij thuis niet meer iedere dag hoeft te werken, alleen in de weekenden nog. Omdat de kinderen gaan studeren kiezen zij uiteindelijk een andere loopbaan, zodat er geen opvolgers zijn voor de overname van het restaurant.
Het verhaal is ook een voorbeeld van een immigrantengezin dat zich (gedeeltelijk) aanpast aan de Nederlandse cultuur. En omgekeerd wordt in de Nederlandse cultuur "chinees halen" een normaliteit. Overal in het land worden chinees-indische restaurants geopend. Op het gebeid van opvoeding houden de ouders vast aan hun eigen opvattingen: zij verwachten van hun kinderen dat zij een partner kiezen die ook van Chinese afkomst is en dat de bruiloft overeenkomstig wordt gevierd. Ongehuwd samenwonen vindt stiekem plaats. Trouwen met een Hollandse man is ook uit den boze. Sun Li toont aan dat zij leert de wegen te bewandelen om ondanks de druk van haar thuismilieu toch haar eigen gang te gaan en haar eigen leven vorm te geven. Maar deden Nederlandse jongeren van de jaren zestig en zeventig niet hetzelfde ten opzichte van hun eigen ouders die bleven hangen in de waarden en normen van de jaren veertig en vijftig?
Het boek sluit als volgt af: "Mijn zussen zullen niet meer bijkomen van het lachen als ze lezen dat ik recepten heb opgenomen in dit boek". Sun Li was de jongste in het gezin. Uit ervaring kan ik meedelen dat de 'oudsten' in een groot gezin in de regel meer mee moeten helpen in het eigen bedrijf van de ouders dan de jongsten.  


zaterdag 30 november 2024

Hugo Hoes (2012): Fijne familie. Verhalen uit een groot gezin.

 

De schrijver Hugo Hoes is de jongste uit een gezin van acht kinderen. Vader Jacques, van beroep leraar, en moeder Riet hebben er hun handen vol aan. Hoewel vader Jacques, waar mogelijk, zich aan zijn opvoedingstaak weet te onttrekken. Het boek bevat de herinneringen aan zijn jeugd en het opgroeien in een groot gezin. De verhalen worden met ironie verteld, en veelal is de rol van vader onderwerp van een zachte humor. Allerlei onderwerpen komen aan bod die herkenbaar zijn voor het leven in jaren 60 en 70 van de vorige eeuw. De kermis, Sinterklaas feest, Kerstmis, op bezoek bij oma, carnavalsoptocht, op campagne met vader voor de gemeenteraadsverkiezing, monopoly spelen en geruzie daarover, kamperen op vakantie, trimmen, naar het dierenpark, de hond, kattenkwaad uithalen met de automatiek. 

" 'Voilà, la Belgique,' zegt vader, die ook Frans gaf. In werkelijkheid zijn we in Halle op camping de Kappenbulten. Urenlang werden we rondgereden in de Achterhoek om ons het idee van een verre vakantie te geven. Veertig jaar later berekent de routeplanner de afstand tussen huis en camping op exact 13,6 kilometer".

Een vermakelijk boek met vele anekdotes.




donderdag 14 november 2024

Ursula den Tex (2003): Anna Baronesse Bentinck 1902-1989. Een vrouw van stand.


 

De schrijfster van dit boek, Ursula den Tex (1933), is de dochter van Anna Baronesse Bentinck en jhr. mr. C.J.A. den Tex, die burgemeester is geweest in twee gemeenten. Zij beschrijft het verhaal van haar moeder, een verhaal van standsverschil en moederschap, over de adel en zijn raadselachtige ongenaakbaarheid. Ursula den Tex is journaliste geweest bij het weekblad Vrij Nederland.

De biografie is gebaseerd op de brieven en dagboeken van de moeder, die een "unieke kijk geven op de zeden en gewoonten van een geprivilegieerde stand": de adel. "het verhaal beslaat bijna de hele twintigste eeuw en we zien hoe in oorlog en vrede, in rijkdom en verlies een vrouw haar standvastigheid behoudt". Een "subtiele, intieme en indringende documentaire, niet alleen van een bewogen leven, maar ook over een mensensoort: de echte adellijke mevrouw van weleer".

Op een subtiele wijze wordt ook de opvoeding van de schrijfster zelf beschreven. De kinderen worden 'goede manieren' bijgebracht. Zij leerden Frans spreken en goed en correct Nederlands. Hen werd geleerd zich in gezelschap te gedragen en zich voor te stellen. Hun eigen woordenschat wordt ook wel "het dialect van de adel" genoemd. Je zegt 'grootmama' en 'grootvader' en niet 'oma' en 'opa'. En 'taartje' in plaats van 'gebakje'. Dat laatste woord was voorbehouden aan de burgerij. En de boeren en arbeiders? Die kenden het taartje en gebakje niet, dat was niet voor hen bestemd. En zij spraken een heel ander dialect.




vrijdag 11 oktober 2024

Lieve Joris (2018): Terug naar Neerpelt.





De Belgische Lieve Joris beschrijft in dit boek haar familiegeschiedenis in het dorp waar ze is geboren, het Belgische dorp Neerpelt, dat in 2019 is gefuseerd met het dorp Overpelt tot de nieuwe gemeente Pelt. Deze dorpen liggen ten zuiden van en grenzen aan de Nederlandse gemeente Valkenswaard. Zij beschrijft ook haar eigen ontwikkeling: als meisje uit een groot gezin, de relatie met haar oma bij wie zij kan schuilen en ontsnappen aan de drukte en de problemen van een groot gezin. In die zin is dit boek ook autobiografisch. Maar de hoofdmoot van haar verhaal is de ontsporing van haar oudste broer Fonny, die een ongeregeld leven leidt, verslaafd is aan alcohol en drugs. Door haar vader wordt zijn verslaving 'goedgepraat'; het woord drugs of verslaving mag thuis zelfs niet gebruikt worden.

Haar verhaal geeft een goed beeld van de wijze waarop een verslaafde in een gezin het leven kan ontwrichten. Door zijn levenswijze komt hij geregeld op straat te staan en keert terug in het ouderlijk huis. Het gezin wordt dan geconfronteerd met zijn verwaarlozing en het verslaafdengedrag van hun zoon en broer. De andere kinderen gaan, zodra zij daarvoor de leeftijd hebben, hun eigen leven vormgeven en leiden. Wat dan weer leidt tot verwijten van vader dat niemand zich iets aantrekt van de hun broer Fonny. Logisch dat hij dan een enkele keer teveel pils drinkt. Op die wijze tracht vader uit onmacht hen een schuldgevoel aan te praten. Maar die 'enkele keer' komt bijna dagelijks voor.

Het verhaal geeft ook een goed beeld van de tijdsgeest van de jaren 70 en volgende van de vorige eeuw zonder dat zij zich "op een zijspoor laat brengen door sentimentaliteit of bravoure", zoals op de flap van het boek staat geschreven.


maandag 3 juni 2024

Kitty Verrips-Roukens (1982): Over heren en boeren. Een Sallands landgoed 1800-1977.


De schrijfster heeft onderzoek gedaan naar de geschiedenis van een landgoed in Salland in de provincie Overijssel. Zij noemt het landgoed 'Eeckeren', maar degene die even op internet zoekt komt al gauw de naam van het landgoed tegen: Vilsteren gelegen tussen Dalfsen en Ommen, behorend tot de gemeente Ommen. Het landgoed bestaat uit ruim 1000 hectaren en omvat ook het gelijknamige dorp Vilsteren.
Haar boek is een z.g. historisch antropologische studie en beschrijft het landgoed, haar bewoners en hun onderlinge verhoudingen vanaf 1800 tot 1977. In drie delen "ingegeven door veranderingen in de wijze waarop het landgoed werd beheerd". 
Deel Een: 1800-1880
Deel Twee: 1880-1940
Deel Drie: 1945-1977

Ieder deel bestaat uit vier hoofdstukken, waarin voor iedere periode telkens dezelfde thema's behandeld worden. Deze thema's zijn: 
1. de ontwikkeling van het beheer van het bezit en de levensloop van de grootgrondbezitters;
2. de landbouw en het werk op de boerenbedrijven;
3. de ontwikkeling van de verhouding tussen pachters en eigenaren;
4. de ontwikkeling van de dorpsgemeenschap.

Aan Deel Twee is toegevoegd de periode van de bezetting waarin in 1941 het z.g. Pachtbesluit werd ingevoerd door de bezetter. Aan Deel Drie is toegevoegd een Samenvatting en besluit.

Bijzonder van het landgoed en dorp is dat het een Rooms-Katholieke gemeenschap is in een Protestantse omgeving. Er is een R.K. parochie gevestigd die in 1977 meer dan 800 parochianen telde.



    Dorp Vilsteren


    Landgoedhuis Vilsteren

 

vrijdag 10 mei 2024

Hella Rottenberg en Sandra Rottenberg (2017): De sigarenfabriek van Isay Rottenberg. De verborgen geschiedenis van een joodse Amsterdammer in nazi-Duitsland.


 

Een oproep over geroofd joods bezit brengt Hella en Sandra Rottenberg op het spoor van de sigarenfabriek van hun opa die hij in 1932 overnam in de plaats Döbeln nabij Dresden. Hella en Sandra zijn nichten van elkaar. Zij gaan op onderzoek uit naar de bezittingen van hun grootvader. Zij raadplegen archieven in Den Haag, Amsterdam, Haarlem, Döbeln, Leipzig, Dresden, Chemnitz, Berlin-Lichtenfelde, en New York. Zij zoeken in kranten en tijdschriften. Zij bestuderen dertig historische boeken, wetenschappelijke artikelen en brochures. Zij spreken met overlevenden en met geschiedkundigen.

Dat alles leidt tot een reconstructie van het leven van hun grootvader in de jaren dertig van de vorige eeuw. En dat levert een boeiende familiegeschiedenis op. Isay Rottenberg kocht de sigarenfabriek in 1932; het jaar daarop wordt Adolf Hitler tot rijkskanselier benoemd door president Hindenburg. Daarop volgt een periode waarin de democratische instituties van Duitsland worden ontmantelt of opgeheven.  De Duitse samenleving wordt 'geariseerd', d.w.z. dat joodse bezittingen worden overgedragen aan niet-joden, gestolen dus.  De 'oude leiders', met name communisten en sociaaldemocraten, worden ontslagen of gevangengezet in concentratiekampen zoals in Dachau. Joden worden geboycot, later geweerd uit openbare functies, en nog later uitgesloten van hun burgerrechten op grond van de z.g. Neurenberger Rassenwetten (1935). Uiteindelijk massaal vermoord in de vernietigingskampen.

Isay Rottenberg blijft vechten voor zijn sigarenfabriek maar moet noodgedwongen uiteindelijk ook het onderspit delven. Hij keert terug naar Amsterdam bij zijn gezin. Tijdens de oorlog en bezetting van Nederland weet hij en zijn gezin te vluchten naar Zwitserland.

zaterdag 2 maart 2024

Kristine Groenhart (2009): Leer mij je liefhebben. Het bewogen leven van een domineesvrouw.

 


"In 1934 stappen Jo Liese (1913-1999) en Wolter Smit, een pasgetrouwd zendelingsechtpaar, op de boot naar Nederlands-Indië. Vanuit hun post op Sumatra schrijft Jo brieven naar haar familie in Leiden, waarin ze optimistisch is over werk, kinderen en huwelijk. Maar in haar aangrijpende dagboeken klaagt ze over eenzaamheid, worstelt ze met het geloof en vertelt ze over de problemen die ze heeft met Wolter".

"Als Jo in 1999 overlijdt laat ze dozen vol dicht beschreven vellen papier en vele foto's na. Kristine Groenhart, de kleindochter van Jo en Wolter, heeft deze documenten bewerkt tot een ontroerend tijdsbeeld van het vooroorlogse Indië, de oorlogsjaren, de naoorlogse periode zowel in Nederland als in Indië, de jaren vijftig en de roerige jaren zestig en zeventig in Nederland tot aan het einde van de twintigste eeuw. De lezer wordt meegenomen op een tocht langs Jo's worsteling en strijd, haar feministische opvattingen, haar drang naar vrijheid, haar eenzaamheid, haar liefde voor de natuur en haar uiteindelijk verlies".


dinsdag 6 februari 2024

Paulien Heeren (2021): Izaak en Johanna. Een dramatische familiegeschiedenis.

 


Paulien Heeren schrijft over haar grootouders van vaderskant. Die komen uit een verschillend milieu. Izaak is afkomstig uit een 'deftige' burgerlijke familie; van beroep is hij accountant. Johanna is van eenvoudige komaf; zowel haar vader als zijzelf zijn verknocht aan hun beroep van toneelspeler. Dat geeft problemen in hun huwelijk: het wringt en schuurt voortdurend. De karakters van beiden dragen daaraan bij: Izaak is streng opgevoed in een gereformeerd gezin; een introverte persoonlijkheid. Johanna daarentegen is zeer spraakzaam en extravert. De huwelijksproblemen leiden bij Izaak tot overmatig alcoholgebruik, wat de problemen nog verergert.

Johanna overlijdt op 35-jarige leeftijd. Haar twee kinderen Isaak en Teunis-Dirk worden in huis genomen bij hun grootouders, de ouders van Johanna.

De foto op de omslag is van de verloving van Johanna en Izaak op 26 maart 1921.

dinsdag 5 september 2023

Gerarda Mak (2005): Alleen met velen. Het verhaal van mijn moeder.



Mijn vrouw An en ik komen beiden uit een groot gezin, respectievelijk uit een gezin met tien en negen kinderen. Dat ging zo in veel gezinnen na de oorlog in het overwegend katholieke zuiden van ons land. De kerk was daar niet tegen. 

De schrijfster Gerarda Mak komt uit een gezin van elf kinderen. Een 'goed' katholiek gezin in Nood-Holland. De geschiedenis van een groot gezin vraagt veel bladzijden, bijna vierhonderd. Omdat het verhaal over moeder gaat, is ook de geschiedenis van het thuisgezin van moeder Corrie opgenomen. Op de trouwdag 17 augustus 1945 van vader Jan en Corrie begint het verhaal van het eigen gezin van moeder Corrie (op pagina 159).

Over het boek staat op de achterflap: "Alleen met velen" is het ontroerende levensverhaal van Cornelia Catharina Meeuwisse, geboren in 1921 in Hellevoetsluis. Vlak na de oorlog trouwde Cornelia, roepnaam Corrie, met Jan Mak. Ze kregen elf kinderen. Moeder Corrie vertelde altijd verhalen van vroeger, over haar jeugd voor de oorlog, en haar dochter Gerarda hoorde ze gefascineerd aan. Jaren geleden besloot ze een boek te schrijven over haar moeder". 


maandag 4 september 2023

Judith Uyterlinde (2010): De vrouw die zegt dat ze mijn moeder is. Een familiegeschiedenis.

 


In de familiegeschiedenis van Judith Uyterlinde lopen twee verhaallijnen door elkaar heen. Het verhaal van haarzelf om moeder te worden van een geadopteerd kind, verweven met het verhaal van haar familie. Dat blijkt een dramatische geschiedenis te zijn. Uit de stamboom van haar oma aan moederskant blijkt dat alle personen in de vernietigingskampen Sobidor en Auschwitz door de Nazi's zijn omgebracht, op één na die op andere wijze in 1945 is overleden.

De schrijfster besluit op onderzoek uit te gaan naar aanleiding van haar eigen adoptiewens. Ze gaat in gesprek met familieleden over hun verleden. "Uit hun verhalen doemt een wonderlijke parallel op: in de familie hebben kinderen al generaties lang hun moeder verloren. Ze worden opgevangen door grootouders en tantes tot er een nieuwe vrouw opdook die zich hun moeder noemde. Met de adoptie van haar kind blijkt Judith aan te sluiten bij een lange familietraditie".   

Nelleke Noordervliet (2005): Altijd roomboter.


Nelleke Noordervliet heeft het leven van haar overgrootmoeder in een boek verwoord. Het is geen roman, geen essay, geen biografie. In haar voorwoord zegt zij: "Ik heb het leven van mijn overgrootmoeder aan de vergetelheid willen ontrukken, en beschrijven niet zozeer wie zij 'nu eigenlijk was', maar 'wie zij geweest zou kunnen zijn' ". Een mengeling van non-fictie en fictie. Met de beperkte gegevens waarover zij beschikt heeft zij "haar leven en de achtergrond waartegen zich dat afspeelt gereconstrueerd". Een boeiend verhaal over een sterke vrouw, met een groot gezin (12 kinderen), waar ook armoe is geleden. "Maar hoe arm ze ook was, margarine heeft ze nooit op haar brood willen doen. Altijd roomboter".

 

zondag 3 september 2023

Laura Starink (2013): Duitse wortels. Mijn familie, de oorlog en Silezië.



Het gebied Silezië behoorde tot 1918 bij het Duitse Keizerrijk, dat toen in het oosten grensde aan het Russische Keizerrijk en in het zuiden aan het keizerrijk Oostenrijk-Hongarije. Na de 1e wereldoorlog vindt er een herschikking van de grenzen plaats. De keizerrijken verdwijnen, de nieuwe staten Polen, Tsjecho-Slowakije, Oostenrijk en Hongarije worden geschapen, waarbij in 1922 een gedeelte van Silezië tot Polen wordt toebedeeld en een klein gedeelte aan Tsjecho-Slowakije. Na de 2e wereldoorlog vindt er weer een herschikking plaats: de landsgrenzen schuiven op naar het westen. Een gedeelte van het 'oude' Polen wordt bij de Sovjet-Unie gevoegd, de Pools-Duitse grens wordt de z.g. Oder-Neisse grens, genoemd naar twee rivieren. Hiermee wordt Silezië aan Polen toebedeeld.

De familie van de schrijfster komt oorspronkelijk uit Silezië. De voertaal is voorheen Duits geweest, na de 2e wereldoorlog wordt de officiële taal Pools. Hoe komt Laura Starink aan haar Nederlandse naam. Bij het uitbreken van de 2e wereldoorlog bevond haar moeder zich in Zwitserland vanwege gezondheidsredenen. Daar heeft haar moeder de Nederlander Jan Starink ontmoet en zijn zij met elkaar getrouwd. Een terugkeer naar het onder communistisch bewind staande Polen was geen optie. Een boeiende geschiedenis.

zaterdag 2 september 2023

Agnes Klitsie & Jeroen Hoogenboom (2008): Tijd van onschuld. Een Zaanse familiegeschiedenis.



 Als 15-jarige bevalt Agnes van een dochter die zij bij de geboorte moet afstaan. Agnes komt uit een traditioneel katholiek gezin van acht kinderen uit Koog aan de Zaan. De bevalling is in 1967 in het ziekenhuis. Haar kind komt wordt onder de hoede van de Raad voor Kinderbescherming gesteld, evenals Agnes zelf. Zij is immers ook nog minderjarig. Haar kind, een meisje, wordt toevertrouwd aan adoptieouders. Na 30 jaren vindt zij haar kind, die Lotte heet, en komen zij in contact met elkaar. 

Een schrijnend verhaal over een zogenaamde afstandsmoeder. Zeker in katholieke kring was het voorheen gebruikelijk dat kinderen van minderjarigen werden afgestaan ter adoptie. De moeders werden daartoe onder druk gezet. Een citaat van de website van FIOM: "In de jaren 50 en 60 van de vorige eeuw was de norm: pas als je getrouwd bent krijg je kinderen. Werd je ongetrouwd zwanger dan was je een gevallen meisje, een schande voor de familie. Mogelijkheden om een zwangerschap te voorkomen of af te breken waren er niet: voorbehoedsmiddelen ontbraken veelal en abortus was illegaal".

Het boek is geschreven door Agnes samen met de freelance journalist Jeroen Hoogenboom.

Yvonne Kroonenberg (2011): De familieblues.


 

Geen familiegeschiedenis, geen roman, geen biografie, maar toch een boek met wetenswaardigheden over gezins- en familierelaties. Non-fictie en wel hier en daar autobiografisch.. Alle mogelijke posities en relaties in een gezin komen aan bod: moeders, vaders, dochters en zonen, schoondochters, schoonzoons, zussen, broers, oma's, opa's, ooms, tantes, schoonmoeders. Tot slot ook nog beschouwingen over tweelingen, familievetes en patiënten. Een vlot geschreven boek.

vrijdag 1 september 2023

Ton van Reen (1990): Roomse meisjes.


 Het verhaal van Roomse mesjes wordt in deze roman verteld door een 15-jarige jongen en speelt zich af in het jaar 1956. Het decor wordt gevormd door een dorp in Noord-Limburg en in het Rooms-katholieke milieu zoals we dat kennen uit de Katholieke Illustratie. In de roman passeren een groot aantal fragmenten uit het Rijke Roomse Leven: zondagse kerkgang, processies, in de kerk de vrouwen links en de mannen rechts, de missie en de arme zwartjes, het gezag van pastoor en kapelaan.

Het verhaal is een autobiografische roman: de schrijver was in 1956 15 jaar oud; hij is opgegroeid in Helden-Panningen; hij is het derde kind uit een gezin met vijf kinderen; rooms-katholiek opgevoed; moeder was weduwe.


Rinus Spruit 2009): De rietdekker. Een familiegeschiedenis.


 

"O! 't ruisen van het ranke riet!

o wist ik toch uw droevig lied!

Wanneer de wind voorbij u voert

en buigend uwe halmen roert" (Guido Gezelle).

"De vader vertelt, zijn zoon schrijft het op. En blijft doorschrijven tot na zijn vaders dood. Rinus Spruit schetst met gevoel het harde bestaan van een rietdekkersfamilie in het begin van de vorige eeuw. Door keihard te werken strijdt deze familie tegen het schrikbeeld oud en arm te eindigen, want pensioen was er vroeger niet. Ze zijn zo met werken en overleven bezig, dat ze er niet aan toekomen zich af te vragen of ze gelukkig zijn". De zoon schrijft een prachtig portret van een vader en zijn zoon. 

donderdag 31 augustus 2023

Riky Schut-Hakvoort (2015): De kroniek van een boerenleven. Zoals men zaait zo zal men oogsten.


In de rubriek Familiegeschiedenis begin ik met het boek van Riky Schut-Hakvoort. Een chronologisch opgebouwd en goed gedocumenteerd verhaal over het boerenleven van Riky en haar man Jan Schut. Aanvankelijk willen zij graag een boerderij in de Flevopolder beginnen, maar zij worden daarvoor niet uitgekozen. Na deze tegenslag kunnen zij een boerderij pachten in Lottum, een dorp in Noord-Limburg aan de Maas. Lottum staat bekend als het 'rozendorp' vanwege de vele rozentelers in en om het dorp. Zij pachten hun boerderij van de familie van de Voordt, de eigenaren en bewoners van het kleinste kasteel in ons land, De Borggraaf. Riky is een ontwikkelde vrouw die bij de zusters Ursulinen in Posterholt op kostschool de opleiding landbouwhuishoudlerares heeft gevolgd en met de akte NXIX afgesloten. Later in haar leven ontwikkelt zij zich als belangenbehartiger voor de boerinnenbelangen.