Een oproep over geroofd joods bezit brengt Hella en Sandra Rottenberg op het spoor van de sigarenfabriek van hun opa die hij in 1932 overnam in de plaats Döbeln nabij Dresden. Hella en Sandra zijn nichten van elkaar. Zij gaan op onderzoek uit naar de bezittingen van hun grootvader. Zij raadplegen archieven in Den Haag, Amsterdam, Haarlem, Döbeln, Leipzig, Dresden, Chemnitz, Berlin-Lichtenfelde, en New York. Zij zoeken in kranten en tijdschriften. Zij bestuderen dertig historische boeken, wetenschappelijke artikelen en brochures. Zij spreken met overlevenden en met geschiedkundigen.
Dat alles leidt tot een reconstructie van het leven van hun grootvader in de jaren dertig van de vorige eeuw. En dat levert een boeiende familiegeschiedenis op. Isay Rottenberg kocht de sigarenfabriek in 1932; het jaar daarop wordt Adolf Hitler tot rijkskanselier benoemd door president Hindenburg. Daarop volgt een periode waarin de democratische instituties van Duitsland worden ontmantelt of opgeheven. De Duitse samenleving wordt 'geariseerd', d.w.z. dat joodse bezittingen worden overgedragen aan niet-joden, gestolen dus. De 'oude leiders', met name communisten en sociaaldemocraten, worden ontslagen of gevangengezet in concentratiekampen zoals in Dachau. Joden worden geboycot, later geweerd uit openbare functies, en nog later uitgesloten van hun burgerrechten op grond van de z.g. Neurenberger Rassenwetten (1935). Uiteindelijk massaal vermoord in de vernietigingskampen.
Isay Rottenberg blijft vechten voor zijn sigarenfabriek maar moet noodgedwongen uiteindelijk ook het onderspit delven. Hij keert terug naar Amsterdam bij zijn gezin. Tijdens de oorlog en bezetting van Nederland weet hij en zijn gezin te vluchten naar Zwitserland.
-%20De%20sigarenfabriek%20van%20Isay%20Rottenberg%20(1).jpg)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten