De Proloog van het boek begint als volgt: 'Vlaanderen,' schreef reporter Jef Crick in De Standaard van 2 mei 1923, 'blijft het gezegend oord der kroostrijke gezinnen. Het woord van den Heer: "Gaat en vermenigvuldigt", vindt hier immer echo, en daarom schijnt het licht zo goudblond en wonnig op onze vele velden.'
De titel van het boek geeft goed weer hoe het leven was in vroeger dagen en in de grote gezinnen. Er werd armoe geleden. Het leven was hard werken voor de beide ouders. en in zekere zin was het opgroeien in een groot gezin ook hard. Ieder moest zijn plek in de hiërarchie van het gezin bevechten. En dat ging er niet altijd zachtzinnig aan toe. Het volgend schietgebedje geeft een illustratie daarvan:
Ik doe mijn oogjes dicht
En bid dat na het amen
Mijn gehaktbal er nog ligt.
-%20ZouMenArmoeLijden.jpg)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten